Werknemer veroorzaakt schade: wie is aansprakelijk?

Begin februari oordeelde de kantonrechter in Utrecht dat een chauffeur ruim een ton moet betalen aan de verzekeraar van zijn werkgever. De chauffeur was onder invloed van alcohol achter het stuur gekropen, waardoor de melktankwagen - die hij voor zijn werk bestuurde - was gekanteld, met aanzienlijke schade tot gevolg.

Deze uitspraak is opmerkelijk. Het komt namelijk maar zelden voor dat een werknemer aansprakelijk wordt geacht voor de schade die tijdens het werk ontstaat. Dit is enkel zo wanneer er sprake is van opzet of bewuste roekeloosheid. Maar wanneer is dit het geval?

Werkgeversaansprakelijkheid

In de bovengenoemde situatie ging het om schade die een werknemer heeft toegebracht aan zijn werkgever of een derde. De wet zegt het volgende hierover:

Wat zegt de wet?

"De werknemer die bij de uitvoering van de overeenkomst schade toebrengt aan de werkgever of aan een derde jegens wie de werkgever tot vergoeding van die schade is gehouden, is te dier zake niet jegens de werkgever aansprakelijk, tenzij de schade een gevolg is van zijn opzet of bewuste roekeloosheid."

Het kan natuurlijk ook voorkomen dat een werknemer zelf schade oploopt tijdens de uitoefening van zijn werkzaamheden. In dat geval geldt een vergelijkbare toets:

"De werkgever is jegens de werknemer aansprakelijk voor de schade die de werknemer in de uitoefening van zijn werkzaamheden lijdt, tenzij hij aantoont dat hij de in lid 1 genoemde verplichtingen is nagekomen of dat de schade in belangrijke mate het gevolg is van opzet of bewuste roekeloosheid van de werknemer."

Kortom

  • De werkgever is in beginsel aansprakelijk voor zowel schade die de werknemer tijdens het werk toebrengt aan werkgever of derden als voor schade bij zichzelf.
  • Van dit uitgangspunt wordt afgeweken als de werknemer zich schuldig heeft gemaakt aan opzet of bewuste roekeloosheid.
  • De werkgever moet bewijzen dat sprake is van deze opzet of bewuste roekeloosheid.

Bewust roekeloos handelen: een zware toets

Voor bewust roekeloos handelen is vereist dat de werknemer zich onmiddellijk voorafgaand aan het voorval daadwerkelijk bewust was van het roekeloze karakter van zijn gedraging. Dit is een zware toets die niet snel in de rechtspraak wordt aangenomen.

Dit laat ook een uitspraak van de Hoge Raad uit 2008 zien. In die kwestie raakte een werknemer tijdens werk betrokken bij een auto-ongeluk en liep daardoor een whiplash op. Tijdens de procedure werd duidelijk dat de werknemer zijn veiligheidsgordel niet had omgedaan.

De Hoge Raad oordeelde hierover dat dit niet zonder meer betekende dat de werknemer bewust roekeloos had gehandeld. Om die reden was alsnog de werkgever aansprakelijk voor de schade.

Waarom nu wél sprake van bewuste roekeloosheid?

In de uitspraak van de kantonrechter in Utrecht wordt juist wél bewuste roekeloosheid aangenomen. Hoe zit dat? Laten we eerst even de feiten in deze zaak onder elkaar zetten.

Verschillende getuigen verklaarden dat zij de melktankwagen hadden zien slingeren en zelfs op de verkeerde rijbaan hadden zien gaan. 

Verschillende getuigen verklaarden dat zij de melktankwagen hadden zien slingeren en zelfs over de doorgetrokken streep op de verkeerde rijbaan hadden zien gaan net voordat de melkwagen in de berm belandde. Als gevolg van te sterke stuurcorrecties, was de melkwagen uiteindelijk gekanteld. De schade bedroeg ruim een ton.

De werkgever, die goed verzekerd was, diende voor deze schade een claim in bij zijn verzekeraar. De verzekeraar startte daarop een procedure tegen de chauffeur om het geclaimde bedrag op hem te verhalen.

Hierop riep de chauffeur zijn werkgever weer in vrijwaring op. De chauffeur vond namelijk dat, als hij veroordeeld zou worden tot betaling aan de verzekeraar, zijn werkgever het schadebedrag op grond de hiervoor genoemde werkgeversaansprakelijkheid moest betalen aan de verzekeraar.

Voldoende zekerheid

In dit geval kon volgens de rechter echter met voldoende zekerheid worden vastgesteld dat het ongeval met de melkwagen te wijten was aan bewuste roekeloosheid van de chauffeur. De chauffeur wist dat hij onder invloed was van alcohol en is toch achter het stuur gekropen.

De chauffeur wist dat hij onder invloed was en is toch achter het stuur gekropen. Dit is te typeren als bewust roekeloos handelen. 

Volgens de kantonrechter Utrecht is dit te typeren als bewust roekeloos handelen. Om die reden kon een beroep op de beschermende bepalingen voor werknemers de chauffeur in dit geval niet baten. Daarom werd de chauffeur veroordeeld tot betaling van een bedrag van ruim een ton aan de verzekeraar.

 

Opvallende uitspraak?

Samenwerken Oldenzaal de Jong en Laan

Deze uitspraak valt natuurlijk op door het hoge schadebedrag waartoe de chauffeur werd veroordeeld. Desondanks is het naar mijn mening een gerechtvaardigde uitspraak.

In dit geval heeft de werknemer zelf de keuze gemaakt om onder invloed van alcohol achter het stuur te kruipen, wetende dat dit een risico met zich mee zou kunnen brengen dat hij schade zou berokkenen.

Heeft u nog vragen over de werkgeversaansprakelijkheid? Neem gerust contact met mij op of reageer hieronder. 

Geen reacties
Plaats uw reactie

Reageer op:

Annuleren