Box 3 vanaf 2023: waar moet je op letten?

Het tarief van box 3 is in 2023 verhoogd naar 36% (32% in 2023) en de verwachting is dat het tarief verder zal stijgen. Het heffingsvrije vermogen is per 1 januari 2024 € 57.000 gebleven (€ 114.000 voor fiscaal partners). Vanaf 2027 zou er dan heffing over het werkelijk rendement moeten gaan plaatsvinden.
Op de hoogte blijven

Box 3 vanaf 2023

UPDATE: De voorlopige percentages, die ten grondslag liggen aan de vaststelling van het fictieve rendement van je vermogen voor de berekening van jouw voorlopige belastingaanslag 2024, zijn bekendgemaakt.

Als gevolg van het Kerstarrest van de Hoge Raad en het daardoor noodzakelijke rechtsherstel is vanaf 2023 de belastingheffing in box 3 aangepast. Ook is nieuwe wetgeving in de maak, om te komen tot een stelsel op basis van werkelijk rendement.

Het nieuwe box 3-stelsel op basis van werkelijk rendement, gaat waarschijnlijk pas op zijn vroegst per 1 januari 2027 in. Op 8 september 2023 is ter consultatie een concept-wetsvoorstel gepubliceerd.

De vanaf 2023 geldende en mogelijk vanaf 2027 in te voeren regelgeving is niet voor iedereen gunstiger. Weten wat het voor jou betekent? Lees dan verder. We nemen je in dit artikel mee in:

Renate Ekhart
Renate Ekhart Senior adviseur kwaliteit & vaktechniek
Specialist op het gebied van belastingheffing
Niets is zo veranderlijk als de belastingwetgeving, dat maakt het zo uitdagend. Het raakt ons allemaal, zeker omdat de gevolgen ervan impact hebben op de onderneming en privé, die bij ondernemers communicerende vaten zijn. Het moet een beetje ‘in’ je zitten om het leuk te vinden om de ontwikkelingen te blijven volgen, de gevolgen en kansen in kaart te brengen en die op een begrijpelijke manier te delen. En dat geldt zeker voor mij.
Neem contact op

Heffing in box 3 vanaf 2023

De heffingsgrondslag van het vermogen van box 3 gaat uit van de werkelijke verdeling van jouw vermogens over drie vermogensgroepen:

  • Banktegoeden
  • Overige bezittingen (onder meer beleggingen en onroerend goed)
  • Schulden

Per categorie geldt een eigen forfaitair rendement. Voor het spaargeld wordt uitgegaan van een forfaitair rendement op basis van de actuele spaarrente. Bij het vaststellen van het forfaitair rendement van beleggingen wordt uitgegaan van het meerjarige gemiddelde rendement op beleggingen. Voor schulden wordt aangesloten bij de hypotheekrente. 

Het rendement per vermogenscategorie is de waarde van het vermogensbestanddeel vermenigvuldigd met het daarbij behorende rendementspercentage. Bij een negatief rendement wordt het rendement op nihil gesteld. We geven de bekendgemaakte percentages hierna weer.

  2017 2018 2019 2020 2021 2022 2023 2024

Banktegoeden: rente% deposito's DNB

0,25 0,12 0,08 0,04 0,01 0,00 0,92 1,03
Schulden: hypotheekrente 3,43 3,2 3,0 2,74 2,46 2,28 2,46 6,04
Overige bezittingen: langetermijnrendament 5,39 5,38 5,59 5,28 5,69 5,53 6,17 2,47

In de jaren 2023 tot en met 2026 wordt in ieder geval box 3 geheven op basis van deze methode.

Let op! De fictieve rendementen voor bank- en spaartegoeden, deposito en contant geld en voor schulden worden na afloop van het jaar definitief vastgesteld. De percentages over 2024 zijn voorlopig.

Tarieven en heffingsvrij vermogen

Het tarief in box 3 wordt jaarlijks verhoogd. Zo is het tarief naar 36% gegaan in 2024. Het heffingsvrij vermogen is per 2024 gelijk gebleven, € 57.000 (voor partners € 114.000). 

Let op! Het heffingsvrije vermogen van box 3 is niet van invloed op het wel of niet krijgen van toeslagen, zoals zorgtoeslag, huurtoeslag of het kindgebonden budget. Daar gelden lagere vermogensgrenzen voor. Raadpleeg deze bij de betreffende uitvoeringsinstanties.

  2021  2022 2023   2024 2025
Tarief 30% 31% 32% 36% 36%
Heffingsvrij vermogen - € 50.650  € 57.000  € 57.000  € 57.000 

 

Wat betekent dit voor jou?

De werkelijke samenstelling van het vermogen op 1 januari is heel beslissend. De box 3-heffing wordt namelijk één keer per jaar op die peildatum bepaald. 

Optimaliseer de samenstelling van het box3-vermogen

Het is dus belangrijk dat je in beeld brengt en houdt hoe jouw vermogen is verdeeld over de categorieën spaargeld, beleggingen en schulden. Want ook de nieuwe heffingssystematiek kan ongunstig uitpakken en dan met name ten aanzien van de overige bezittingen en de schulden.

Mogelijk betaal je meer rente dan het vastgestelde percentage. Die kun je voor het meerdere niet in aanmerking nemen in box 3. En je herkent ongetwijfeld de situatie dat vele overige bezittingen niet het rendement van ruim 6% opleveren. Denk aan laagrentende obligaties of vorderingen op kinderen (familieleningen) en vakantiewoningen die je niet of nauwelijks verhuurt. 

Het kan bij overige bezittingen, die minder rendement opleveren dan wat hierover aan belasting moet worden betaald, wenselijk zijn deze om te zetten in banktegoeden of – indien mogelijk – over te brengen naar de bv. Of overweeg groene beleggingen. Deze zijn vrijgesteld.

En soms kan een andere verdeling van het box 3-inkomen tussen jou en je partner tot een gunstiger resultaat leiden.

Niet eens met de belastingheffing in box 3?

Het beoordelen van de definitieve aanslagen inkomstenbelasting is belangrijk. Zo kan jouw werkelijke behaalde rendement bijvoorbeeld (sterk) afwijken van het door de Belastingdienst berekende box 3-inkomen.

Inmiddels is al enige rechtspraak verschenen over de vraag of recht bestaat op verdere verlaging van de box 3-heffing als het werkelijke rendement lager is. Deze rechtspraak ligt echter niet allemaal op één lijn. Het is uiteindelijk aan de Hoge Raad om een definitief oordeel te geven.

Let op! Vanaf de dagtekening van een definitieve aanslag heb je zes weken om een bezwaar in te dienen. Tegen een voorlopige aanslag staat geen bezwaarmogelijkheid open.

Vermogensaanwasbelasting vanaf 2027?

Het kabinet is van plan om vanaf 2027 belasting te gaan heffen over de werkelijke opbrengst van het vermogen. Op 8 september 2023 is het concept van het wetsvoorstel daarvoor gepubliceerd en naar aanleiding daarvan zijn in de kamerbrief van 25 januari 2024 wijzigingen voorgesteld. Het voorstel is nog geen voldragen wetsontwerp, maar het nieuwe kabinet kan het voorstel en de reacties hierop straks gebruiken bij de vormgeving van het nieuwe box 3-stelsel. Uiteraard kan het nieuwe kabinet hierin andere keuzes maken dan nu in het voorstel zijn opgenomen.

Vermogensaanwasbelasting als hoofdregel

De waardeontwikkeling wordt in het voorstel belast volgens een vermogensaanwasbelasting. Dat betekent dat jaarlijks heffing in box 3 plaatsvindt over de waardeontwikkeling (zowel positief als negatief). Het maakt daarbij niet uit of die waardeontwikkeling al dan niet te gelde is gemaakt.

Maar vermogenswinstbelasting voor onroerende zaken en bepaalde aandelen

Onroerende zaken en bepaalde niet-beursgenoteerde aandelen (in familiebedrijven en innovatieve startups of scale-ups), worden in het voorstel onderworpen aan een vermogenswinstbelasting. Dat betekent dat alleen heffing in box 3 plaatsvindt als de waardeontwikkeling ook te gelde wordt gemaakt, zoals bij verkoop.

Let op! Aandelenbelangen die nu ook al in box 2 belast worden (grofweg aandelenbelangen van 5% of meer) blijven in box 2. Deze worden dus niet door het voorstel geraakt. Voor alle andere aandelenbelangen geldt in het voorstel de vermogensaanwasbelasting, behalve als het gaat om niet-beursgenoteerde aandelen in familiebedrijven of startups en scale-ups.

Geen vermogenswinst- of aanwasbelasting voor bank- en spaartegoeden

Voor bank- en spaartegoeden geldt geen vermogenswinst- of aanwasbelasting. Bij dit vermogen wordt alleen het directe rendement (rente na aftrek van kosten) belast.

Overig

Het voorstel omvat uiteraard nog meer details die na te lezen zijn op de website internetconsultatie Wet werkelijk rendement box 3. Hier lees je onder meer over de voorgestelde verliesverrekening, de heffing over het nominale werkelijke rendement zonder rekening te houden met de inflatie en de in te voeren administratieplicht voor box 3. 

Tot slot

We hebben inmiddels gezien dat niets zo veranderlijk is als tarieven en percentages. Op de korte termijn lijkt sturen op fiscale voordelen voordelig, op de lange termijn zouden de gekozen oplossingsrichtingen ongunstiger kunnen uitpakken.  

Heb je vragen over de belastingheffing over box 3 of wil je samen sparren? Neem gerust contact met ons op.

Renate Ekhart
Renate Ekhart Senior adviseur kwaliteit & vaktechniek
Specialist op het gebied van belastingheffing
Niets is zo veranderlijk als de belastingwetgeving, dat maakt het zo uitdagend. Het raakt ons allemaal, zeker omdat de gevolgen ervan impact hebben op de onderneming en privé, die bij ondernemers communicerende vaten zijn. Het moet een beetje ‘in’ je zitten om het leuk te vinden om de ontwikkelingen te blijven volgen, de gevolgen en kansen in kaart te brengen en die op een begrijpelijke manier te delen. En dat geldt zeker voor mij.
Neem contact op