Box 3: percentages, vrij­stellingen en bedragen 2026

De (voorlopige) forfaitaire rendementspercentages, het heffingsvrije vermogen en andere bedragen voor box 3 in 2026 zijn bekend. Waar moet je mee rekenen in 2026?

Forfaitaire rendementspercentages

Voor de box 3-heffing is in 2026 wordt in de basis nog uitgegaan van forfaitaire rendementspercentages die jouw inkomen uit vermogen bepalen. Deze (deels voorlopige) percentages zijn eind 2025 bekendgemaakt:

 Categorie

 Forfaitair rendementspercentage

 Bank- en spaartegoeden

 1,28% (voorlopig)

 Schulden

 2,70% (voorlopig)

 Overige bezittingen

 6,00% (definitief)

Nanda Verhoeven
Nanda Verhoeven Senior adviseur kwaliteit & vaktechniek

Let op! De percentages voor bank- en spaartegoeden en voor schulden worden pas begin 2027 definitief vastgesteld. De Belastingdienst houdt in 2026 bij het opleggen van de voorlopige aanslag IB 2026 rekening met de hierboven genoemde voorlopige percentages.

De categorie overige bezittingen omvat alles wat geen bank- of spaartegoed of een schuld is. Daarbij moet je onder meer denken aan beleggingen, vastgoed, obligaties en vorderingen. Het percentage voor deze overige bezittingen is wel al definitief en bedraagt 6%.

Hoger heffingsvrij vermogen

Het heffingsvrije vermogen is in 2026 hoger dan in 2025. Bedroeg dit in 2025 nog € 57.684, in 2026 komt het heffingsvrije vermogen uit op € 59.357. Dit heffingsvrije vermogen geldt per belastingplichtige. Heb jij een fiscale partner, dan bedraagt het heffingsvrije vermogen gezamenlijk het dubbele (€ 118.714 in 2026).

Andere bedragen

Ook andere bedragen in box 3 zijn met ingang van 2026 gewijzigd. Zo is de vrijstelling contant geld verhoogd van € 661 in 2025 naar € 672 in 2026. Dit bedrag geldt per belastingplichtige. Met een fiscale partner bedraagt in 2026 de vrijstelling gezamenlijk het dubbele, namelijk € 1.344.

Heb je schulden, dan mag je in box 3 alleen rekening houden met deze schulden voor zover ze hoger zijn dan de zogenaamde schuldendrempel. Deze schuldendrempel bedraagt in 2026 net als in 2025 € 3.800 per belastingplichtige en € 7.600 voor fiscale partners gezamenlijk.

Heb je groene beleggingen? De vrijstelling bedraagt in 2026 € 26.715 (2025: € 26.312). Heb je een fiscale partner dan bedraagt de vrijstelling € 53.430 voor jullie gezamenlijk (2025: € 52.624). Houd er rekening mee dat de vrijstelling in 2027 nog maar € 200 (€ 400 voor fiscale partners gezamenlijk) bedraagt en per 2028 wordt afgeschaft.

Tip! Je hebt in 2026 en 2027 ook recht op een heffingskorting van 0,1% voor jouw groene beleggingen. Deze heffingskorting wordt in 2028 ook afgeschaft.

Lager werkelijk rendement

Als jouw werkelijke rendement in 2026 lager is dan het forfaitaire rendement, kun je ook in 2026 een beroep doen op de tegenbewijsregeling. Je betaalt dan geen belasting in box 3 over het forfaitaire rendement, maar over jouw werkelijke rendement.

Let op! Houd er wel rekening mee dat het werkelijke rendement berekend moet worden volgens de Wet tegenbewijsregeling box 3. Daarbij tellen bijvoorbeeld ongerealiseerde waardestijgingen van onroerend goed en beleggingen ook mee, ook als je deze nog niet te gelde heeft gemaakt. Lees meer  over de tegenbewijsregeling.

Tarief

Het tarief in box 3 is in 2026 net als in 2025 36%.

Heb je vragen over Box 3? Neem gerust contact op.

Wil jij weten wat

te doen met box 3?

De ontwikkelingen rondom box 3 volgen elkaar snel op. Zie je door de bomen het bos niet meer? Wij geven je graag inzicht en denken met je mee over mogelijke oplossingsrichtingen.