Top 10 wijzigingen voor de werk­gever 2026

Vanaf 1 januari 2026 veranderen een aantal regels die belangrijk zijn voor jou als werkgever of ondernemer. Denk aan bijtelling voor auto’s, minimumloon en de WKR. We zetten de tien belangrijkste wijzigingen voor je op een rij.

Wijzigingen voor de werk­gever 2026

Per 1 januari 2026 gaan er verschillende wijzigingen in die impact hebben op jouw organisatie. Van bijtelling tot vrijwilligersvergoeding: dit zijn de tien belangrijkste punten om rekening mee te houden:

  1. Pseudo-eindheffing auto’s met CO₂-uitstoot – vanaf 2027 betaal je 12% over de cataloguswaarde van personenauto’s met uitstoot.
  2. Lagere bijtelling voor auto’s zonder CO₂-uitstoot – in 2026 18%, in 2027 20% over de eerste € 30.000.
  3. Leeftijdsgrens youngtimerregeling omhoog – in 2026 naar 16 jaar, vanaf 2027 naar 25 jaar.
  4. Wettelijk minimumuurloon stijgt – per 1 januari 2026 naar € 14,71.
  5. Zachte landing schijnzelfstandigheid deels verlengd – in 2026 nog bedrijfsbezoeken, maar ook vergrijpboetes mogelijk.
  6. Normbedrag gebruikelijk loon omhoog – in 2026 naar € 58.000 per jaar.
  7. Vrije ruimte WKR blijft gelijk, normbedragen stijgen – thuiswerkvergoeding € 2,45 per dag.
  8. Onbelaste vrijwilligersvergoeding omhoog – in 2026 naar € 2.200 per jaar.
  9. Wijzigingen loonkostenvoordelen (LKV) – geen doelgroepverklaring meer nodig, recht zolang werknemer in register staat.
  10. Rapportage WPM vervalt voor bedrijven tot 250 werknemers – vanaf 2027 geen verplichting meer.
Gijsbert Hoek
Gijsbert Hoek Senior Specialist People & Culture

1. 12% pseudo-eindheffing voor personenauto met CO₂-uitstoot

Geen wijziging per 1 januari 2026, maar waar je nu al rekening mee moet houden, is de 12% pseudo-eindheffing in de loonbelasting vanaf 2027. Vanaf 2027 betaal je 12% pseudo-eindheffing over de cataloguswaarde van een personenauto met CO₂-uitstoot die je aan een werknemer ter beschikking stelt.

De heffing geldt niet voor auto’s die niet privé gebruikt worden (woon-werkverkeer telt als privégebruik). Ook geldt de heffing niet voor personenauto’s zonder CO₂-uitstoot of voor auto’s die geen personenauto zijn, zoals een bestelauto.

Let op! Voor personenauto’s die al vóór 1 januari 2027 ter beschikking zijn gesteld, geldt overgangsrecht. Voor deze auto’s geldt de heffing pas vanaf 18 september 2030.

2. Lagere bijtelling auto zonder CO₂-uitstoot

Voor het privégebruik van nieuwe auto’s zonder CO₂-uitstoot geldt in 2026 een bijtelling van 18% over de eerste € 30.000 cataloguswaarde en 22% daarboven. Stel je in 2027 een nieuwe auto zonder CO₂-uitstoot ter beschikking, dan bedraagt de bijtelling 20% over de eerste € 30.000 en 22% daarboven.

Deze bijtelling geldt voor de eerste 60 maanden na de maand waarin de auto voor het eerst is toegelaten op de weg. Voor auto’s op waterstof of zonne-energie gelden de percentages van 18% en 20% over de hele cataloguswaarde.

Let op! De bijtelling voor auto’s met CO₂-uitstoot bedraagt in 2026 22%. Voor auto’s van vóór 2017 is dat 25%. Dit is alleen anders als het een auto zonder CO₂-uitstoot betreft of een auto die onder de youngtimerregeling valt. Dan geldt 21% tot € 30.000 en 25% daarboven. Voor youngtimers geldt 35% van de waarde in het economisch verkeer.

3. Leeftijdsgrens youngtimerregeling omhoog, overgangsregeling in 2026

De bijtelling voor privégebruik van een auto die zestien jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen, bedraagt in 2026 35% van de waarde in het economisch verkeer. In 2025 lag de grens nog op vijftien jaar.

Is de auto in 2026 jonger dan zestien jaar, maar vóór 1 januari 2017 voor het eerst in gebruik genomen? Dan bedraagt de bijtelling in 2026 25% van de cataloguswaarde. Heeft de auto geen CO₂-uitstoot, dan kan tot € 30.000 een percentage van 21% worden toegepast.

Tip! Voor een auto die in 2025 al aan dezelfde werknemer ter beschikking stond en toen vijftien jaar of ouder werd, geldt overgangsrecht. Je mag in 2026 uitgaan van 35% van de waarde in het economisch verkeer.

Let op! Vanaf 1 januari 2027 gaat de leeftijdsgrens naar 25 jaar. Er geldt dan geen overgangsrecht meer.

4. Verhoging wettelijk minimumuurloon

Per 1 januari en 1 juli wordt het wettelijk bruto minimumuurloon altijd geïndexeerd. Per 1 januari 2026 is dit voor werknemers van 21 jaar of ouder verhoogd naar € 14,71 (per 1 juli 2025 was dit € 14,40). Voor jongeren gelden afgeleide percentages. Vanaf 2027 worden deze percentages verder verhoogd.

5. Gedeeltelijke zachte landing handhaving schijnzelfstandigheid in 2026

De zachte landing voor de handhaving van schijnzelfstandigheid wordt in 2026 gedeeltelijk verlengd. De Belastingdienst start ook in 2026 meestal met een bedrijfsbezoek in plaats van direct een controle. Daarna krijg je de kans om je bedrijfsvoering te verbeteren.

Wel kan de Belastingdienst naheffingen opleggen. Vanaf 2026 kunnen ook vergrijpboetes worden opgelegd bij opzet of grove schuld. Verzuimboetes worden in 2026 nog niet opgelegd.

Let op! De verlenging geldt alleen in 2026. Vanaf 2027 start de Belastingdienst niet meer met een bedrijfsbezoek en legt ook verzuimboetes op.

6. Normbedrag gebruikelijk loon omhoog

Het normbedrag voor het gebruikelijk loon is in 2026 € 58.000 per jaar, € 2.000 hoger dan in 2025. Welk gebruikelijk loon je moet toepassen, hangt ook af van vergelijkbare dienstbetrekkingen en van het loon van de meest verdienende werknemer van je bv of verbonden bv’s.

7. Vrije ruimte gelijk, maar normbedragen WKR omhoog

De vrije ruimte in de WKR blijft in 2026 gelijk: 2% van de loonsom tot € 400.000 en 1,18% daarboven. Vanaf 2027 gaat de vrije ruimte omhoog naar 2,16% tot € 400.000.

De onbelaste vergoeding voor thuiswerken is in 2026 € 2,45 per dag. Het normbedrag voor maaltijden stijgt naar € 4,05 per maaltijd en voor huisvesting naar € 7,00 per dag.

Zo haal je het maximale uit de WKR

De juiste toepassing van de werkkostenregeling levert je voordelen op! Maar hoe pak je dit aan? Wij leggen je in deze whitepaper uit hoe jij het maximale uit de werkkostenregeling haalt.

8. Onbelaste vrijwilligersvergoeding naar € 2.200

De maximale onbelaste vrijwilligersvergoeding is in 2026 € 2.200 per jaar en € 220 per maand. De maximumuurvergoeding is € 5,75 (voor jongeren onder 21 jaar € 3,40).

9. Wijzigingen loonkostenvoordelen banenafspraak

Vanaf 2026 heb je voor het LKV banenafspraak geen doelgroepverklaring meer nodig. Je moet wel in het doelgroepregister bij het UWV controleren of de werknemer daarin staat. Het maximum van drie jaar vervalt: je hebt recht op het LKV zolang de werknemer bij je in dienst is én in het register staat.

Voor scholingsbelemmerden en werknemers met een indicatie beschut werk vervalt het LKV, behalve als overgangsrecht geldt.

Let op! Het LKV oudere werknemers is per 1 januari 2026 afgeschaft voor dienstbetrekkingen die begonnen op of na 1 januari 2024. Voor eerdere dienstbetrekkingen blijft het recht bestaan tot maximaal drie jaar.

10. Vanaf 2027 geen rapportage WPM voor bedrijven tot 250 werknemers

Heb je 100 of meer werknemers? Dan ben je verplicht om te rapporteren over het zakelijk verkeer én het woon-werkverkeer van je medewerkers. Deze verplichting heet ‘Rapportageverplichting werkgebonden personenmobiliteit’ (WPM).

Het voornemen is om bedrijven tot 250 werknemers vanaf 2027 uit te zonderen van deze verplichting. De wetgeving hiervoor is in voorbereiding. Tot die tijd overlegt de staatssecretaris met de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) over de handhaving. Hij wil dat gemeenten en omgevingsdiensten tot 1 januari 2027 terughoudend omgaan met hun handhavingsbevoegdheden bij bedrijven tot 250 werknemers.

Heb je nog vragen over de wijzigingen voor werkgevers in 2026? Neem gerust contact op.