Verwachte wijzigingen rond de auto

Op Prinsjesdag 2020 zal het kabinet naar verwachting een paar fiscale maatregelen met betrekking tot de auto nemen. De volgende wijzigingen rond de auto worden verwacht:

  • Aanpassing bijtelling voor zonnecelauto
  • Aanpassing berekening BPM
  • Vervroegd heffingsmoment BPM
  • Verlenging verlaging energiebelasting voor laadpaal

Aanpassing bijtelling voor zonnecelauto

In principe moet de werkgever, die een auto van de zaak ter beschikking stelt aan zijn werknemers, een bijtelling toepassen vanwege het privégebruik. Normaal gesproken bedraagt deze bijtelling 22% van de catalogusprijs van de auto inclusief BPM. Als de CO2-uitstoot van de auto 0 gram per kilometer is, mag de werkgever de bijtelling verminderen met 14% (10% in 2021).

Mits de auto rijdt op waterstof, bedraagt deze vermindering hooguit €6.300 (€4.000 in 2021). Een vergelijkbare regeling geldt voor IB-ondernemers met een auto van de zaak. Het kabinet wil dat de maximale grens van de vermindering voor zonnecelauto’s buiten beschouwing blijft. Deze maatregel zal de staatssecretaris van Financiën naar verwachting opnemen in het pakket Belastingplan 2021.

Aanpassing berekening BPM

De tabel waarmee men in beginsel de verschuldigde BPM berekent, is al aangepast op 1 juli 2020. Echter wil de staatssecretaris de schijfgrenzen en tarieven verder aanscherpen voor de jaren 2021 tot en met 2025. Meer details zal hij waarschijnlijk bekend maken met het opnemen van dit voorstel in het pakket Belastingplan 2021.

Vervroegd heffingsmoment BPM

Onder de huidige wetgeving is de BPM verschuldigd op het moment waarop de tenaamstelling van een personenauto, bestelauto of motorrijwiel in het kentekenregister plaatsvindt. De staatssecretaris wil dit heffingsmoment naar voren halen.

Het moment van inschrijving in het kentekenregister moet het nieuwe heffingsmoment worden. Ook deze wijziging wil de staatssecretaris onderbrengen in het pakket Belastingplan 2021.

Verlenging verlaging energiebelasting voor laadpaal

Voor zover het verbruik van elektriciteit over een periode van twaalf maanden niet meer bedraagt dan 10.000 kWh, bedraagt de verschuldigde energiebelasting € 0,09770 per kWh. Dit tarief daalt in beginsel tot € 0,05083 per kWh als de gebruiker de elektriciteit gebruikt voor een laadpaal voor een elektrische auto.

Deze verlaging van het tarief van de energiebelasting is van tijdelijke aard. De wetgever had bepaald dat deze verlaging per 1 januari 2021 zou eindigen. De staatssecretaris overweegt om de verlaging wat langer te laten bestaan. Zijn uiteindelijke beslissing hangt af van de uitslag van een onderzoek. Het is mogelijk dat rond Prinsjesdag 2020 de staatssecretaris de knoop doorhakt.

Vragen? Neem contact op

Heeft u nog vragen over de verwachte wijzigingen rond de auto? Neem gerust contact op met Leonie Pongers

Bron: Taxence

Terug naar het Prinsjesdag overzicht

De belastingplannen voor volgend jaar: wat staat ons te wachten?