6% of 9%, wanneer kiest u welk btw-tarief?

U heeft vast gehoord dat het lage btw-tarief vanaf 1 januari 2019 van 6% naar 9% gaat. Waarschijnlijk weet u ook hoe u zich daarop voorbereidt. Maar is u ook al verteld wanneer u voor welk btw-tarief kiest? Ik praat u daar in deze blog graag over bij.

Hans Wiersma
Hans Wiersma

Datum van (vooruit)betaling of factuur

Welk btw-tarief u kiest, hangt af van de vraag of u het kasstelsel of het factuurstelsel toepast en of er een vooruitbetaling plaatsvindt. Op de website van het Ministerie van Financiën vindt u een toelichting op deze begrippen.

Kasstelsel

Als u het kasstelsel toepast (omdat u voornamelijk goederen en diensten aan particulieren levert), kiest u het btw-tarief dat geldt op het moment waarop de betaling wordt ontvangen. Op vergoedingen die in 2018 worden ontvangen is het 6% tarief van toepassing, op vergoedingen die in 2019 worden ontvangen is het 9% tarief van toepassing.

Factuurstelsel 

Als u het factuurstelsel toepast (omdat u voornamelijk goederen en diensten aan andere ondernemers levert), past u het btw-tarief toe dat geldt op het moment dat u de factuur uitreikt of uiterlijk had moeten uitreiken.  

Vooruitbetalingen in 2018

Bij vooruitbetalingen kiest u het btw-tarief dat geldt op het moment dat de vooruitbetaling wordt ontvangen. Voor prestaties die u in 2019 verricht, in 2018 hebt gefactureerd én in 2018 zijn betaald, blijft het 6% btw-tarief van toepassing. Dit heeft de staatssecretaris van Financiën in de Tweede Kamer toegezegd, om de administratieve lasten te beperken.

Praktijkvoorbeeld

Een ondernemer verkoopt in november een kaartje voor een concert dat in 2019 wordt gegeven. De koper betaalt het kaartje in 2018. De prestatie, ofwel het verlenen van toegang tot het concert, wordt verricht in 2019.

Omdat de koper in 2018 het kaartje heeft betaald, blijft het kaartje belast met 6% btw. De ondernemer hoeft in 2019 dus niet aanvullend 3% aan btw af te dragen over het vóór 1 januari 2019 verkochte en betaalde kaartje.

Schematische weergave

Schematisch kan het als volgt worden weergegeven: 

Keuze btw-tarief

 

*1: De staatssecretaris heeft aangekondigd dat kunstmatige constructies waarbij vooruit wordt gefactureerd voor prestaties die na 1 januari 2019 worden verricht en betaald, door de Belastingdienst worden bestreden.

*2: In deze gevallen sluit het Ministerie van Financiën dus niet aan bij de prestatie. Het ministerie geeft als voorbeeld: u levert op 28 december 2018 goederen aan een andere ondernemer. U reikt de factuur hiervoor op 5 januari 2019 uit. Dit moment bepaalt welk btw-tarief geldt. In dit geval het btw-tarief van 2019 (9%).

Doorlopende prestaties

Voor doorlopende prestaties, zoals abonnementen en levering van energie, geldt dat u een splitsing moet aanbrengen.

De termijnen die in 2018 zijn gefactureerd en in 2018 zijn betaald, zijn belast tegen het 6% tarief. De termijnen die in 2019 worden betaald, zijn belast tegen het 9% tarief.

Hopelijk wordt het voor u, als ondernemer, steeds een beetje duidelijker wat de verhoging van het lage btw-tarief voor u gaat betekenen. Heeft u vragen? Reageer gerust onder deze blog, of neem contact met mij op.

Wat betekent de btw-verhoging voor de ondernemer?

2 reacties
JAN Kleinjan

Hans, een duidelijke uitleg.

Pascal Vromans

Handig artikel Hans! Dankje!

Plaats nieuwe reactie

Reageer op:

Annuleren