Nieuws

Datum: vrijdag 29 juli 2011

Wijziging vakantiewet per 1 januari 2012

Met ingang van 2012 geldt in Nederland een nieuwe vakantiewet. De situatie wordt anders bij de opbouw en het opnemen van vakantie bij ziekte/arbeidsongeschiktheid. Ook de vervaltermijn van vakantiedagen verandert.

Veranderingen

De drie belangrijkste veranderingen op een rij:

  • Vakantie opbouwen
  • Vakantie opnemen
  • Vervaltermijn

Vakantie opbouwen

Tot nu toe gold dat een arbeidsongeschikte werknemer slechts vakantie opbouwde gedurende de laatste zes maanden tijdens de periode van arbeidsongeschiktheid. Iemand die ziek is van 1 januari tot 31 december, bouwt dus 'slechts' in de maanden 7 tot en met 12 van dat kalenderjaar vakantiedagen op.

Vanaf 1 januari 2012 wordt deze beperkte opbouw van vakantierechten voor arbeidsongeschikte werknemers geschrapt. Zieke werknemers krijgen daardoor dezelfde aanspraken op  wettelijke vakantiedagen als andere werknemers. Bovenstaande geldt alleen voor de wettelijke vakantiedagen: voor de extra dagen die in de cao staan, kunnen andere afspraken worden gemaakt.

Vakantie opnemen

De wet wijzigt ook als het gaat om het opnemen van vakantie tijdens ziekte. Dat kan nodig zijn om niet beschikbaar te hoeven zijn voor controle of uit te rusten van re-integratie. Voorheen lag het aan een afspraak tussen werkgever en werknemer hoeveel vakantiedagen er werden afgeschreven.

De wet regelt die informele afspraken nu standaard, en stelt dat de gebruikte vakantiedagen volledig worden afgeschreven. Volledig opbouwen (zie punt 1), betekent dus ook volledig gebruiken. Daarmee worden zieke werknemers niet langer 'bevoordeeld' op gezonde werknemers.

Vervaltermijn

Om te bevorderen dat alle werknemers in het belang van hun veiligheid en gezondheid daadwerkelijk met regelmaat en tijdig bijkomen door vakantie op te nemen, is er een nieuwe vervaltermijn opgenomen in de wetswijziging. De nieuwe vervaltermijn voor de wettelijke vakantiedagen bedraagt zes maanden. Zijn ze binnen een half jaar na afloop van het vorige kalenderjaar niet opgenomen, dan vervallen de vakantiedagen.

Wel geldt er een uitzondering wanneer een werknemer redelijkerwijs niet in staat is geweest om zijn minimumvakantie op te nemen. Jurisprudentie moet dat uit gaan wijzen. Dit alles geldt niet voor vakantiedagen die vóór de wetswijziging zijn opgebouwd, daarvoor blijft 5 jaar gelden als vervaltermijn. Ook voor de bovenwettelijke vakantiedagen blijft de vervaltermijn van vijf jaar gelden.

Onduidelijkheid

Wel bestaat er nog onduidelijkheid over de uitzonderingen. In de wet staat dat het stringent hanteren van de vervaltermijn van een half jaar niet wordt gehanteerd als de werknemer redelijkerwijs niet in staat is geweest om vakantie op te nemen. Maar wanneer is iemand echt niet in staat? Dat zal jurisprudentie moeten uitwijzen.

Verlofadministratie

Waar werkgevers vooral op moeten letten is de verlofadministratie. Tussen 2012 en 2017 zijn er drie soorten vakantiedagen. De dagen opgebouwd voor 2012 (vervaltermijn maximaal 5 jaar), wettelijk minimum aantal vakantiedagen (vervaltermijn 6 maanden), en bovenwettelijke vakantiedagen (5 jaar). De vraag is hoe je dit in het bestaande personeelsinformatiesysteem gaat weergeven.

Bron: P&O actueel

Naar overzicht

Deel op:

De Jong en Laan - Wijziging vakantiewet per 1 januari 2012

(32370x gelezen) | vakantiedagen,vakantiewet,vervaltermijn